De Gecombineerde Opgave is elk jaar weer een puzzel waar steeds minder boeren zich aan wagen zonder hulp. Paula Groen van Countus geeft een inkijkje in haar aanpak van de jaarlijkse worsteling met punten, waardes en eco-activiteiten. Ook veranderingen voor 2026 komen aan bod.
“Ik kan elke boer in goud krijgen. Maar het gaat er natuurlijk om dat de klant zich comfortabel voelt bij het pakket aan gewassen en eco-activiteiten dat het resultaat is van de puzzel.” Paula Groen van accountantsorganisatie Countus is gepokt en gemazeld in het puzzel- en rekenwerk dat het Gemeenschappelijke Landbouwbeleid (GLB) anno 2026 met zich meebrengt. Alleen al in Flevoland verzorgt Countus de Gecombineerde Opgave (GO) voor zo’n 400 klanten. “De meesten gaan voor full-service, dus inclusief het intekenen en de aanvraag”, vertelt de bedrijfsadviseur.
Individuelen keuzes
De start van een Gecombineerde Opgave sessie is voor elke akkerbouwer identiek. Groen: “Je begint altijd met het invullen en controleren van de conditionaliteiten die voor de klant van toepassing zijn; voor akkerbouwers zijn dat de vereisten ten aanzien van de gewasrotatie, bufferstroken en bodembedekking; op zand- en lössgronden komt daar nog de rustgewasverplichting bij en in Limburg de erosiepreventie. Het Oldambt en de Hoekse Waard hebben in plaats van de gewasrotatie te maken met gewasdiversificatie. Met het voldoen aan de conditionaliteiten verwerf je mestruimte en stel je de basispremie veilig.”
Daarna volgt het gepuzzel met de eco-premies. Groen kijkt altijd eerst hoe ver ze komt met het bouwplan dat de ondernemer zelf al ongeveer van plan was. “Je kijkt wat dat oplevert aan punten voor de ecodoelen en de waardes voor de premie”, vervolgt ze. “Daarna ligt de bal bij de klant. Is hij of zij terecht gekomen in de gewenste kleur en zo nee, wat is nodig om daar wel te komen?”
Vaak kijkt Groen toch nog even wat er nodig is voor goud. “Dat is toch een beetje de sport, de uitdaging”, lacht ze. “Maar het is uiteraard de klant die aangeeft voor welke eco-activiteiten hij open staat en of die inpasbaar zijn in de bedrijfsvoering. Je kijkt welke stappen een boer kan en wil zetten en of de beloning (een hogere ‘medaille’) opweegt tegen de benodigde inspanning. Dat is een individuele keuze die voor elke akkerbouwer anders uitpakt.”
Goud wordt lastig
Sinds de invoering van het nieuwe GLB heeft Groen de houding van boeren zien veranderen. “In 2023 zei iedereen nog enthousiast: ‘we gaan voor goud’. Tegenwoordig zeggen de meesten: kijk maar waar we zonder al te veel moeite kunnen komen. En er is ook een groep die gewoon geen zin heeft in gedoe en elke uitkomst accepteert. Deze groep doet geen extra moeite voor een hogere score. Als ze bijvoorbeeld een nieuw gewas moeten gaan telen om in aanmerking te komen voor een eco-premie, laten ze de ecopremie gewoon lopen.”
In 2026 wordt het volgens Groen voor veel telers lastiger om goud te halen. “Vaak realiseerde men een hogere ‘medaille’ via de teelt van een stikstofbindend gewas. Maar de waarde van die eco-activiteit daalt met ongeveer 75 procent. Dat scheelt een slok op een borrel. En doordat er nu voor de eco-activiteit ‘rustgewas’ wel wordt gekeken of deze 1 op 3 wordt geteeld op het betreffende perceel, vrees ik dat veel akkerbouwers de punten en de waarde van die gewassen kwijtraken. Vooral het behalen van de punten voor klimaat zal dan lastig worden. Er zijn nog wel eco-activiteiten waarmee je dat kunt compenseren maar de puzzel wordt er niet eenvoudiger op.”